themaweek orchideeën

Ariège - Franse Pyreneeën - 2019

 

 

  • reisverslagen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Woensdag 17 april

Een aantal deelnemers start de orchideeënweek op luchthaven Blagnac, een enkeling reist met de trein en halen we op van het treinstation Matabiau in Toulouse. Na kennis gemaakt te hebben, stoppen we onderweg bij een groeiplaats van de Melkorchis (Neotinea lactea). Deze orchidee groeit in een schraal weiland net even buiten Muret. Als het gras hoog genoeg staat grazen er werkpaarden in deze weide maar in het vroege voorjaar krijgt de Melkorchis (Neotinea lactea) hier kans om tot bloei te komen. Je kan de soort herkennen aan de melkwitte basis kleur van de bloemen die bezet zijn met kleine magenta/paarse stippen. Alsof een schilder, nadat hij zijn meesterwerk heeft afgerond, nog even wat verfspetters op de bloem heeft doen landen.

 

Donderdag 18 april

De eerste dag van orchideeënweek staat in het thema van Ophrys soorten. Een rijk geslacht binnen de orchideeënfamiilie. We gaan oostwaarts en stoppen halverwege bij een parkeerplaats voor een kop koffie en een croissant. Het uitzicht op de burcht van Carcassonne is niet het enige wat dit parkeerterrien te bieden heeft. Voorzichtig dalen we de helling af aan de rand van parkeerplaats en hier bevindt zich een retentiebekken. De helling staat vol orchideeën. Al snel wordt de eerste orchidee gedetermineerd als Gele ophrys (Ophrys lutea). Begeleidende orchideeën die we aantreffen zijn Vroege spinnenorchis (Ophrys exaltata subsp. marzuola), Poppenorchis (Orchis anthropophora), Purperorchis (Orchis purpurea), Gewone spinnenorchis (Ophrys sphegodes) en Ophrys lupercalis. Nadat de orchideeën zijn vastgelegd op foto drinken we een kopje koffie met een koffiebroodje.

 

Aangekomen bij Narbonne gaan we op de bonnefooi de heuvels van 'La Clape' in. We vinden tussen de struiken rozemarijn al gauw enkele fusca-achtigen, maar verder ontdekken we geen andere bloeiende orchideeën en rijden door. De bestemming van deze dag is de groeiplaats van de Weidehommelorchis (Ophrys bombyliflora). Na een rondje over het veld treffen we een paar honderd exemplaren aan, de planten lijken flink last te hebben gehad van de droogte in het voorjaar. Veel bladrozetten zijn (deels) zwart gekleurd. Gelukkig zien we toch ook nog veel fraaie bloeiende exemplaren. Eveneens op de helling is de Gele ophrys (Ophrys lutea) alom aanwezig en ook andere vertegenwoordigers uit het geslacht Ophrys.

We sluiten de dag af met een zoektocht naar de Grootbloemige zadelorchis (Ophrys bertolinii subsp. magniflora), en hoewel we vorig aar een bloeiend exemplaar in deze tijd van het jaar hebben gezien, houdt de soort zich dit jaar kennelijk wel aan zijn reguliere bloeitijd van begin mei. Toch keren we voldaan richting l’Oustal.

 

Vrijdag 19 april

Vandaag blijven we dichtbij bij huis en struinen de tuin van l'Oustal en de aangrenzende hellingen af naar orchideeën. Mark legt uit hoe je schrale vegetaties in graslanden kunt herkennen en waarom dat orchideeën zich hier voornamelijk thuisvoelen. We klauteren de helling op en treffen diverse orchideeën aan. Een greep uit de soorten die we zien: Gewone spinnenorchis (Ophrys sphegodes), Poppenorchis (Orchis anthropophora), Bokkenorchis (Himantoglossum hircinum), Sniporchis (Ophrys scolopax) en Purperorchis.

Na de lunch op l’Oustal bezoeken we een groeiplaats van de Aapjesorchis (Orchis simia). Een zeldzame orchidee in de Ariège. In de wegberm van een landweggetje vinden we de eerste Aapjesorchissen , waarvan er reeds enkele in bloei staan. Kenmerkend voor deze soort is de bloeiwijze, anders dan bij de meeste orchideeën gaan de bloemen bovenin de bloeiaar als eerste open. De planten die we aantreffen tonen ons de gehele range van bloei: van bladrozet tot en met vol in bloei.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nabij hetzelfde dorp bezoeken we een groeiplaats van de Purperorchis (Orchis purpurea). De soort komt hier massaal voor in een voormalig braakliggend terrein. Recent is het grasland in beheer genomen door iemand die hier een moestuin is begonnen. Het omliggende grasland wordt niet meer beheerd. Dit uit zich in een vervilte grasmat bestaande uit Gevinde kortsteel (Brachypodium pinnatum) waardoor de aantallen Purperorchis (Orchis purpurea) flink zijn teruggelopen. Gevinde kortsteel kan een ware plaag vormen in graslanden op leemrijjke bodems. De soort vormt hier snel een verstikkende laag waardoor bladrozetten te weinig licht krijgen en verschimmelen door de hoge luchtvochtigheid.

We sluiten de dag af op l’Oustal, met uitzondering van Just. Doordat hij onfortuinlijk vertraging opliep gedurende zijn heenreis liep hij de groeiplaats van de Melkorchis (Neotinea lactea) mis. Deze wordt alsnog bezocht door Just, Ruud en Mark.

Zaterdag 20 april

Wederom een uitstap naar een mediterraans landschapstype. Na een flinke autorit komen we aan bij een rotsachtige helling nabij de autoweg. Deze helling staat bekend als groeiplaats van de Wolzweverorchis (Ophrys tenthredinifera). Al snel vinden we de eerste orchideeën op de schrale helling. De fotografen vlijen zich neer op de bodem om de schoonheid van de orchidee vast te leggen. Het moet een heel gek gezicht zijn voor mensen die niet naar planten kijken: acht volwassen mensen die in uiterste concentratie, roerloos op de grond liggen om de bloem van een orchidee te fotograferen. In hetzelfde grasland vinden we Nonnetjesorchis (Neotinea maculata), Sniporchis (Ophrys scolopax) en enkele tientallen exemplaren van het Wit bosvogeltje (Cephalanthera longifolia).

 

Na een korte speurtocht tussen wijnvelden zoeken we naar nog meer Wolzweverorchissen, helaas zonder succes. We vertrekken richting Bugarach, een pittoresk dorp in de Aude dat voornamelijk bekend is door de Pic de Bugarach. We aanschouwen de 'magische' berg vanuit de auto. Er zijn mensen die Boeda in de berg zien of het gezicht van Christus, wij concluderen dat er enige fantasie voor nodig is om dat te zien, maar wij hebben dan ook een andere passie. Voor orchideeën is het echter wel een magische plek. De eerste groeiplaats die we aandoen aan de voet van de berg is die van de Gascogne orchis (Ophrys vasconica). Een laatbloeiende fusca-achtige die lijkt op Ophrys lupercalis.

 

 

 

Onderweg naar de volgende groeiplaats komt de vraag op over de gelijkenis en verschillen tussen de Aangebrande orchis (Neotinea ustulata) en Purperorchis (Orchis purpurea). Bij het zien van beide soorten naast elkaar is het echter voor iedereen duidelijk dat de verschillen goed zichtbaar zijn. De eerste plek die we bezoeken is bekend vanwege het voorkomen van de Spiegelorchis (Ophrys speculum) en al snel vinden we een bloeiend exemplaar. De Spiegelorchis (Ophrys speculum) is de enige soort met een forse blauwe spiegel. Daarnaast heeft de soort een zogenaamde ‘Chriet titulaer baard’. De fotografen staan in de rij om de soort te fotograferen. Niet ver daar vandaan staan tientallen planten van de Nonnetjesorchis (Neotinea maculata), variërend van bladrozet tot begin bloei. Verder treffen we op de helling aan: Gewone spinnenorchis (Ophrys sphegodes), Purperorchis (Orchis purpurea), Ophrys lupercalis, Sniporchis (Ophrys scolopax) en de Gele ophrys (Ophrys lutea). Nadat iedereen voldaan is besluiten we richting de auto te lopen. Hoewel we de Stippelorchis (Orchis provincialis) in knop aangetroffen, vindt Frits toch nog een bloeiend exemplaar, dus worden de fotocamera's weer uitgepakt.

 

 

De voorlaatste stop is op aanraden van Just. Hij kent deze helling van eerdere bezoeken aan dit gebied. De helling is bijzonder vanwege het voorkomen van de fraaie hybride tussen Stippelorchis (Orchis provincials) x Mannetjesorchis (Orchis mascula). We struinen over de rotsachtige helling en zien diverse exemplaren van beide ouders. Na een zoektocht, en diverse ‘verdachte’ examplaren te hebben bekeken, treffen we uiteindelijk de hybride aan. Het blijkt een ware hybridezwerm te zijn, bestaande uit planten die groeien op een open plek tussen struiken. Mark plukt van elke soort (inclusief de hybride) een bloem ter vergelijking. De foto toont duidelijk de intermediaire kenmerken van de hybride.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tot slot eindigen we op een helling die bekend staat om de Maskerorchis (Neotinea tridentata subsp. conica). Een ondersoort van de Drietandige orchis (Neotinea tridentata). De laatst genoemde soort komt in dit grasland niet voor maar onderzoek naar de verwantschappen binnen Europese orchideeën wees uit dat ‘conica’ meer verwant is aan de Drietandige orchis (Neotinea tridentata) dan de sterk gelijkende Melkorchis (Neotinea lactea), die we eerder in de orchideeënweek zagen. De kleuren kunnen binnen de soort sterk variëren van bijna wit naar diep roze.

We eindigen de dag met een grazige wegberm vol met Vogelnestje (Neottia nidus-avis), helaas in knop.

 

zondag 21 april

 


's Morgens maken we een korte tussenstop voor een bezoekje aan de markt van Montbrun Bocage voordat we richting Mas d’Azil rijden. Mas d'Azil is een dorp dat bekend staat om de grot waar zowel de rivier de Arize als de weg doorheen gaat. Voordat we bij Mas d'Azil aankomen bezoeken we eerst nog een voor iedereen onbekende helling. Na enkele meters treffen we onze eerste orchidee, de Aangebrande orchis (Neotinea ustulata). In de daaropvolgende graslanden zien we een tiental bloeiende exemplaren. Een stukje verder vinden we talloze kleine weidjes die van elkaar gescheiden zijn door houtsingels en kleine bossages. Elk grasland levert weer nieuwe orchideeën op. Een greep uit de soorten die we hier aantreffen: Gewone spinnenorchis (Ophrys sphegodes), Ophrys lupercalis, Vroege spinnenorchis (Ophrys exaltata subsp. marzuola), Harlekijn (Anacamptis morio), Mannetjesorchis (orchis mascula) en de Paarse aspergeorchis (Limodorum abortivum).

Weer terug naar de grotten: Aan een zijde van de grot broedt ieder jaar de Waterspreeuw. De vogelaars vergapen zich aan de Rotszwaluwen die als straaljagers over het water en langs de rotswanden scheren. De Waterspreeuw laat zich mooi aan ons zien en hipt over de rotsen in de rivier. We lopen door de grot naar de andere uitgang waar ons een heerlijke lunch staat te wachten. Ruud is reeds vooruit gereden en heeft alle etenswaren uitgestald. We hebben huisgemaakte paté en diverse kazen die op de markt van Montbrun-Bocage zijn gekocht. Als toetje een lokale delicatesse, een vlaaiachtige taart die hier croustade wordt genoemd.

 

Na de lunch gaan we naar één van de fraaiste graslanden in de Ariège. Het betreft de zogenaamde heuvelland vorm van het heischraal grasland. In het grasland bezoeken we een uithoek die normaliter niet toegankelijk is doordat deze is uitgerasterd. We vinden hier een fraaie populatie met Harlekijn (Anacamptis morio), die er in talloze kleurschakeringen voorkomt. Terwijl de groep de planten fotografeert verzamelt Mark een "veldboeket" met soorten die kenmerkend zijn voor het heischraal grasland. Hij legt uit wat heischraal grasland is, waar je deze graslanden doorgaans kunt aantreffen en welke soorten orchideeën zich thuis voelen in dergelijke graslanden. Nadat we de begeleidende soorten hebben bekeken zoeken we naar de Groene nachtorchis (Dactylorhiza viridis), de specialiteit van dit grasland. Nabij de bosrand zien we talloze exemplaren, maar nog in knop. Op een aangrenzende helling is het een stuk kalkrijker door het voorkomen van kalkrijk gesteente, dat dicht onder het oppervlak aanwezig is. We zien hier de eerste exemplaren van de Vliegenorchis (Ophrys insectifera). Op de terugweg struinen we een zonbeschenen deel van de bosrand af. Hier vinden we wel enige bloeiende exemplaren van de Groene nachtorchis (Dactylorhiza viridis). We verbazen ons over de onopvallend groene bloemen van de soort.

 

 

 

 

 

 

Maandag 22 april

We trekken richting Foix en de eerste lage bergen van de Pyreneeën. Feitelijk betreft het submontane delen (500-700 meter) waarbij we soorten kunnen verwachten die normaliter op hoger gelegen delen voorkomen. Helaas een wat regenachtige ochtend en een struintocht levert ons slechts enkele orchideeën op, waarvan veel nog slechts het rozet. Daarbij wordt het grasland nog begraasd door schapen dus besluiten we terug te keren naar de auto en ons geluk elders te beproeven. Onderweg stoppen we nog bij een helling aan een landweggetje. Op deze helling zien we diverse orchideeën waaronder Kleine tongorchis (Serapias lingua), Sniporchis (Ophrys scolopax). Na enkele foto’s genomen te hebben maken we een tocht over de vlakte van Pamiers. Hier treft Ruud vaak de Grijze wouw aan. Na tevergeefs speurwerk rijden we door naar Domaine des Oiseaux waar we lunchen. Hier zijn in het verleden plassen ontstaan door het winnen van zand en grind. Daarna is het gebied omgetoverd tot een waar vogelaarsparadijs. Door de plassen tref je hier veel watervogels, en die zijn in dit deel van Frankrijk niet heel algemeen. We turen door onze kijkers naar de Bosruiter en Watersnip en Steltkluten en horen Cettizanger en Graszanger in de struiken.

 

Als kers op de taart hebben gaan we naar een helling met de Vlinderorchis (Anacamptis papilionacea). Hoewel we aan de vroege kant zijn voor de soort vinden we enkele exemplaren met reeds geopende bloemen. Het overgrote deel van de populatie staat nog in knop of is als bladrozet aanwezig. Ook treffen we hier de Harlekijn (Anacampis morio) aan. Mark struint wat lager op de helling en vindt de zeldzame hybride tussen Harlekijn (Anacamptis morio) en Vlinderorchis (Anacamptis papilionacea), een hybride die we ieder jaar hopen aan te treffen in het terrein, maar nog niet eerder zagen. Er staat een forse wind waardoor het niet meevalt om de plant goed te fotograferen. Ruud heeft enkele windschermpjes gemaakt en dat zorgt voor wat luwte. Vervolgens zoeken we de aangrenzende braakliggende akker af. Deze plek bezoeken we in de mei week eveneens vanwege het massaal voorkomen van de Lange tongorchis (Serapias vomeracea). Ook hier kan ons geluk niet op. We vinden op diverse plekken planten die al enkele bloemen open hebben. In totaal zien we gedurende de orchideeënweek 38 soorten (of beter gezegd: taxa), waarvan enkele alleen in knop of bladrozet.

 

 

 

 

 

 

Tot slot sluiten we de week af met de traditionele groepsfoto.

 

nr

wetenschappelijke naam

Nederlandse naam

wijze

1

Anacamptis coriophora subsp. fragrans

Welriekende wantsenorchis

bladrozet/knop

2

Anacamptis morio

Harlekijn

bloei

3

Anacamptis paplilionacea

Vlinderorchis

begin bloei

4

Anacamptis pyramidalis

Hondskruid

bladrozet

5

Cephalanthera longifolia

Wit bosvogeltje

bloei

6

Dactylorhiza fuchsii

Bosorchis

bladrozet

7

Dactylorhiza viridis

Groene nachtorchis

knop/begin bloei

8

Himantoglossum hircinum

Bokkenorchis

bladrozet

9

Himantoglossum robertianum

Reuzenorchis

uitgebloeid

10

Limodorum abortivum

Paarse aspergeorchis

knop

11

Neotinea lactea

Melkorchis

bloei

12

Neotinea maculata

Nonnetjesorchis

knop/begin bloei

13

Neotinea tridentata subsp. conica

Maskerorchis

bloei

14

Neotinea ustulata

Aangebrande orchis

knop/bloei

15

Neottia nidus-avis

Vogelnestje

knop

16

Neottia ovata

Grote keverorchis

knop

17

Ophrys araneola

Kleine spinnenorchis

bloei

18

Ophrys bombyliflora

Weidehommelorchis

bloei

19

Ophrys exaltata subsp. marzuola

Vroege spinnenorchis

einde bloei

20

Ophrys insectifera

Vliegenorchis

begin bloei

21

Ophrys lupercalis

-

einde bloei

22

Ophrys lutea

Gele ophrys

bloei

23

Ophrys scolopax

Sniporchis

knop/begin bloei

24

Ophrys sphegodes

Gewone spinnenorchis

begin bloei

25

Ophrys tenthredinifera

Wolzweverorchis

bloei

26

Ophrys vasconica

Gascogne orchis

begin bloei

27

Orchis anthropophora

Poppenorchis

knop/begin bloei

28

Orchis mascula

Mannetjesorchis

bloei

29

Orchis militaris

Soldaatje

knop/begin bloei

30

Orchis provincialis

Stippelorchis

knop/begin bloei

31

Orchis purpurea

Purperorchis

begin bloei/bloei

32

Orchis simia

Aapjesorchis

knop/begin bloei

33

Platanthera spec.

Nachtorchis

knop

34

Serapias lingua

Kleine tongorchis

knop/begin bloei

35

Serapias vomeracea

Lange tongorchis

bladrozet/knop/begin bloei

36

O. provincialis x O. mascula

-

begin bloei

37

O. militaris x O. purpurea

-

bloei

38

A. papilionacea x A. morio

-

bloei

39

O. scolopax x O. sphegodes

-

bloei